Audiovisuele Journalistiek

Vakbeschrijving Audiovisuele Journalistiek
Collegejaar: 2014-2015
Studiegidsnummer: 5580MKAJO
Docent(en):
  • K. Boonman i.s.m. W. van Rooijen
Voertaal: Nederlands
Blackboard: Ja
EC: 10
Niveau: 300
Periode: Semester 2, Blok III, IV
  • Geen Keuzevak
  • Geen Contractonderwijs
  • Geen Exchange
  • Geen Study Abroad
  • Geen Avondonderwijs
  • Geen A-la-Carte en Aanschuifonderwijs
  • Geen Honours Class

Toegangseisen

Dit vak is alleen te volgen als onderdeel van de PraktijkStudie Journalistiek en Nieuwe Media (30 EC).
Om te kunnen starten met een PraktijkStudie moet je minimaal het Bindend Studie Advies (40 EC) hebben behaald.

Beschrijving

Dit vak is alleen te volgen als onderdeel van de Minor Praktijkstudie Journalistiek en Nieuwe Media (JNM). (30 ects) . Het vak Audiovisuele Journalistiek valt in het tweede semester. Daar kiest de student één van de verdiepingsvakken: Audiovisuele Journalistiek, Wetenschapsjournalistiek of een stage.

Bij het Praktijkstudie JNM-vak Audiovisuele Journalistiek wordt het perspectief van de journalist gekozen; Studenten moeten inzicht krijgen in de afwegingen (keuzes) die journalisten en redacties dagelijks maken. Wat is nieuws? Hoe kom je aan je informatie en hoe weet je of de informatie te vertrouwen is (is er naast een algemeen belang ook een specifiek belang bijvoorbeeld dat van de voorlichter/woordvoerder?); Welke verantwoordelijkheid heeft de journalist zowel naar de ontvanger van informatie als ook naar de bron?
De theorie van het métier wordt uitvoerig besproken, maar er ligt een sterk accent op de praktische kant van de journalistiek. Geleerd worden de ‘tricks of the trade’: het concreet vertalen van een idee (onderwerp) naar een daadwerkelijk journalistiek item.
In deze cursus ligt de nadruk op de audiovisuele journalistiek (radio en televisie). Maar ook het maken van een journalistiek onderwerp voor het web komt aan bod. Alle aspekten komen aan de orde die bij de voorbereiding van een onderwerp horen:; van hoe een idee te bedenken tot voor wie het onderwerp is bestemd (doelgroep). De journalistieke aanpak wordt onderwezen en geoefend, zoals het interviewen en het doen van research voorafgaand aan een productie. De student leert ‘kijken’ en ‘luisteren’, leert wat montage, en (filmische)vormgeving is. Uiteindelijk gaat het ook over de kunst hoe een verhaal te vertellen, wat het basiskenmerk is voor een reporter. Begrippen als effect, impact, cliffhanger en spanningsboog worden besproken.
Er zijn instructiebijeenkomsten cameratechniek en montage.
De verschillende audiovisuele genres worden bestudeerd. Wat betekend dat zowel de nieuws- en achtergrondjournalistiek wordt verkend als de documentaire journalistiek.

De student die bereid te zijn zich dagelijks met journalistiek bezig te houden, wat niet meer betekent dan het lezen van kranten, weekbladen en het luisteren naar radio en het kijken naar televisie.
De seminars zijn verplicht te volgen. In totaal wonen studenten minimaal 8 seminarbijeenkomsten bij en doen ze hierover een tentamen.

Leerdoelen

  • Studenten hebben inzicht in de verschillende journalistieke audiovisuele genres;
  • Studenten krijgen ervaring met het beoordelen hoe een idee of een nieuwsfeit tot een onderwerp te maken;
  • De tricks of the trade worden eigen gemaakt en worden herkend (praktische vaardigheden);
  • Studenten weten inhoudelijk maar ook praktisch hoe onderwerpen te maken;
  • Besef van wat journalistieke verantwoordelijkheid is;
  • Hoe te interviewen, hoe te monteren, hoe te filmen, wordt geleerd;
  • Studenten hebben kennis van de geschiedenis, ontwikkeling en trends in de audiovisuele journalistiek.

Rooster

Collegerooster PraktijkStudie Journalistiek en Nieuwe Media

Onderwijsvorm

Werkcollege
Gastcolleges van programmamakers
Projectonderwijs: onder begeleiding van een docent met dagelijkse journalistieke ervaring maak je verschillende korte audiovisuele productie.

Toetsing

Een tentamen maakt deel uit van de cursus (40 procent van het eindcijfer). Verder worden er meerdere onderwerpen van de studenten gevraagd: naast een radio-item, moeten meerdere video-onderwerpen worden gemaakt. Hierbij komen alle journalistieke aspecten aan de orde: het beeld, de inhoud, de research, het interview, de nieuws- en achtergrond of documentaire waarde (eveneens 40%).
Het gemiddelde cijfer moet een voldoende zijn. Maximaal één onderdeel mag een onvoldoende zijn en dan tenminste een vijf.
Bij dit verdiepingsvak behoort het Seminar Journalistiek en Nieuwe Media, dat wordt afgesloten met een schriftelijk tentamen (20%).

Blackboard

Er wordt gebruik gemaakt van Blackboard.

Literatuur

Er wordt gebruik gemaakt van het Television
Genre Book; aan te schafen literatuur wordt nader bekend gemaakt.

Aanmelden

Studenten van de Minor Journalistiek en Nieuwe Media kunnen hun voorkeur voor dit verdiepingsvak kenbaar maken. In de loop van het eerste semester ontvang je hierover een mail van de studiecoördinator JNM.

Contact

Onderwijsadministratie Media Studies, P.N. van Eyckhof 4, kamer 102C. Tel. 071 5272144; mail: ma-mediastudies@hum.leidenuniv.nl.: ma-mediastudies@hum.leidenuniv.nl.
Studiecoördinator: Mevr. S.J. de Kok, MA, P.N. van Eyckhof 3, room 1.01b.

Talen