Geweld op zee. Oorlogsvoering en kaapvaart in de vroegmoderne tijd

Vakbeschrijving Geweld op zee. Oorlogsvoering en kaapvaart in de vroegmoderne tijd
Collegejaar: 2017-2018
Studiegidsnummer: 5773IVSV
Docent(en):
  • Dr. S. Zijlstra
Voertaal: Nederlands
Blackboard: Ja
EC: 10
Niveau: 400
Periode: Semester 2, Blok III, IV
Onderwijstijd in uren
(excl. zelfstudie):
26:00 uur
  • Geen Keuzevak
  • Geen Contractonderwijs
  • Geen Exchange
  • Geen Study Abroad
  • Geen Avondonderwijs
  • Geen A-la-Carte en Aanschuifonderwijs
  • Geen Honours Class

Toegangseisen

De propedeuse is voltooid en beide BA2 Werkcolleges zijn met een voldoende afgerond, waarvan één in de beoogde afstudeerrichting, te weten Vaderlandse Geschiedenis.

Beschrijving

De Nederlandse Republiek was in de zeventiende en achttiende eeuw veelvuldig in oorlogen verwikkeld. Het lot van de Republiek lag regelmatig in handen van de vloot; veelal werden belangrijke slagen uitgevochten op zee. Minstens zo vaak werd een slag vooral op economisch vlak geslagen: door kaapvaart kon een rijke buit worden binnengehaald—of worden verloren. Maar wie waren de mensen aan boord, die bedoeld of onbedoeld betrokken raakten bij internationale oorlogen? En op wat voor manier kunnen we tegenwoordig nog sporen vinden van oorlogen en veroveringen die op zee hebben plaatsgevonden, waarmee we het leven van de bemanning in tijden van oorlog in perspectief kunnen plaatsen?

In de historiografie is veel geschreven over het verloop van zeeslagen en de rol van de aanvoerders van de vloot. Recent is er echter meer aandacht voor de anderen die betrokkenen zijn bij de oorlogsvoering op zee. Het gaat niet meer alleen om de admiraal, maar ook om de eenvoudige zeeman. Niet enkel de admiraliteitsbestuurder speelde een rol, maar ook de schippersvrouw. Waar vroeger vooral geschreven verslagen werden bestudeerd, is er tegenwoordig meer ruimte voor materiële bronnen.

In dit werkcollege leren we diverse soorten bronnen met betrekking tot maritieme oorlogsvoering en kaapvaart kritisch lezen en interpreteren. Niet alleen maken we kennis met de traditionele geschreven bronnen, maar ook gaan we zelf aan de slag met recent ontsloten bronnen en museale objecten. In samenwerking met het Huygens ING gaan we Engelse prize papers bestuderen. Nadat Engelsen schepen kaapten, werd de bemanning ondervraagd door de Engelse Admiraliteit. De verslagen van deze ondervragingen geven een schat aan informatie over de achtergrond van de mensen aan boord en over de gekaapte schepen. Hiernaast gaan we in samenwerking met Het Scheepvaartmuseum objecten uit de collectie van het museum bestuderen die we kunnen gebruiken bij het onderzoek naar geweld op zee. Door museale objecten te combineren met verschillende soorten geschreven bronnen kijken we in dit college met een nieuwe blik naar kaapvaart en maritieme oorlogsvoering.

Leerdoelen

Algemene leerdoelen

  • 1) een wetenschappelijk onderzoek met een beperkte omvang opzetten en uitvoeren, en daarbij:
    a. relatief grote hoeveelheden informatie organiseren en verwerken;
    b. vakliteratuur zoeken, selecteren en ordenen;
    c. een wetenschappelijk debat analyseren;
    d. het eigen onderzoek in het wetenschappelijk debat plaatsen.
  • 2) een probleemgestuurd werkstuk schrijven en een referaat houden naar het format van syllabus Themacolleges, en daarbij:
    a. een realistische planning hanteren;
    b. een probleemstelling en deelvragen formuleren;
    c. een beargumenteerde conclusie formuleren;
    d. feedback geven en ontvangen;
    e. aanwijzingen van de docent verwerken.
  • 3) reflecteren op de primaire bronnen waarop de literatuur is gebaseerd.
  • 4) bronnen selecteren en gebruiken voor eigen onderzoek.
  • 5) bronnen analyseren, in een historische context plaatsen en interpreteren.
  • 6) participeren in de discussies tijdens colleges.

Leerdoelen, specifiek voor de afstudeerrichting

  • 7) De student heeft kennis opgedaan van de afstudeerrichting(en) waartoe het BA-Seminar behoort, meer specifiek bij de afstudeerrichting Vaderlandse Geschiedenis: staatsvorming, identiteit, en politieke cultuur van Nederland en de Nederlandse overzeese gebieden vanaf de zestiende eeuw, en in het bijzonder voor de track Zeegeschiedenis: de relatie van de mens tot de oceanen, zeeën en rivieren.
  • 8) De student heeft kennis van en inzicht in de kernbegrippen, de onderzoeksmethoden en –technieken van de afstudeerrichting, met speciale aandacht voor: bij de afstudeerrichting Vaderlandse Geschiedenis primaire bronnen en diachrone nationale geschiedenis, en in het bijzonder bij de track Zeegeschiedenis: het gebruik van museale objecten voor historisch onderzoek.

Leerdoelen, specifiek voor dit college

De student:

  • 9) Heeft kennis van de historiografie van Nederlandse oorlogsvoering en kaapvaart in de zeventiende en achttiende eeuw.
  • 10) Heeft inzicht in het gebruik en de waarde van (museale) objecten voor historisch onderzoek.
  • 11) Heeft vaardigheid in het zoeken en gebruiken van verschillende primaire bronnen.
  • 12). Heeft kennis van het leven van de bemanning tijdens vroegmoderne internationale conflicten op zee
  • 13) Leert op abstract niveau na te denken over verschillende aspecten en factoren gerelateerd aan oorlogsvoering en kaapvaart op zee.

Rooster

Zie rooster BA Geschiedenis

Onderwijsvorm

  • Werkcollege met aanwezigheidsplicht
    Dit houdt in dat studenten bij alle werkcolleges aanwezig moeten zijn. Indien een student toch verhinderd is dient hij dit vooraf te melden aan de docent. De docent bepaalt vervolgens of, en zo ja, hoe het gemiste college door een vervangende opdracht kan worden ingehaald. Als er specifieke beperkingen zijn bij een college dan maakt de docent dat aan het begin kenbaar. Indien de student niet voldoet aan voornoemde voorwaarden, wordt deze uitgesloten van deelname.

Studielast

Totale studielast 10 EC x 28 uur = 280 uur.

  • Bijwonen college en introductiebezoek museum: 26 uur
  • Voorbereiden college en maken opdrachten: 64 uur
  • Schrijven werkstuk (inclusief bestuderen literatuur, bronnenonderzoek en referaat): 190 uur

Toetsing

Toetsing

  • Werkstuk (ca. 7200 pagina’s, inclusief noten en bibliografie; probleemgestuurd werkstuk op basis van primair bronnenonderzoek)
    getoetste leerdoelen: 1-5, 1, 7-13
  • Mondelinge presentatie
    getoetste leerdoelen: 3-5, 7-13
  • Participatie
    getoetste leerdoelen: 6, 7-13
  • Opdrachten (Deelopdrachten/korte essays over de wetenschappelijke literatuur, bronnen en methodologie)
    getoetste leerdoelen: 7-13

Weging

Werkstuk: 65 %
Referaat: 10 %
Participatie: 10 %
Opdrachten: 15 %

Het eindcijfer komt tot stand op basis van het gewogen gemiddelde op basis van de deelcijfers, met daarbij als aanvullende eis dat het werkstuk voldoende moet zijn.

Deadlines

Voor het inleveren van de werkstukken geldt de aangegeven deadline

Herkansing

Het werkstuk kan worden herkanst. Hiervoor geldt de aangegeven deadline

Nabespreking werkstuk

Uiterlijk bij het bekendmaken van de uitslag van het werkstuk wordt aangegeven op welke wijze en op welk tijdstip de nabespreking van het werkstuk plaatsvindt.

Blackboard

Blackboard wordt gebruikt voor:

  • communicatie tussen studenten en docent;
  • beschikbaar stellen van literatuur.

Literatuur

  • Literatuur wordt aan het begin van het college bekendgemaakt en via Blackboard en een collegeplank in de UB ter beschikking gesteld.

Aanmelden

Inschrijven via uSis is verplicht.

Aanmelden Studeren à la carte en Contractonderwijs

Niet van toepassing

Contact

dr. Suze Zijlstra

Opmerkingen

geen

Talen